Ernstige en langdurige mishandeling en misbruik van kinderen. Het gebeurt al heel lang en structureel in de jeugdzorg met verblijf (de goede plekken daargelaten). Ook in jeugddorp De Glind in gemeente Barneveld. Nieuw onderzoek laat zien hoe dat kan, en hoe het anders kan, maar zorgaanbieder Pluryn handelt er nog steeds niet naar.
In de jeugdzorg met verblijf vindt sinds jaar en dag structureel, ernstige en langdurige mishandeling en misbruik van kinderen plaats. Dit is bijvoorbeeld uitgebreid beschreven in het onderzoek van Commissie De Winter (2019), uitgevoerd in opdracht van de regering (over de periode 1945-2019). Het onderzoeksrapport draagt de naam ‘Onvoldoende beschermd, geweld in de Nederlandse jeugdzorg van 1945 tot heden’. Daaruit blijkt bijvoorbeeld dat maar een kwart van de ondervraagden nooit in jeugdzorg te maken heeft gekregen met enig fysiek of psychisch geweld. Ook het toezicht van de instanties heeft grote manco’s gekend, aldus het rapport; “doorgaans werd bij geweld niet ingegrepen.” Het rapport biedt dan ook aanbevelingen voor onafhankelijk toezicht. Tot op de dag van het verschijnen van dat rapport wordt het klimaat in met name de gesloten en zwaardere organisaties voor jeugdzorg als onveilig ervaren – zowel door de jeugdigen als de groepsleiding. Via de media horen we geregeld dat het geweld in de jeugdzorg in 2019 niet is opgehouden. Terwijl al lang bekend is hoe dat gestopt kan worden. Hoe is dat mogelijk?
Ook in jeugddorp De Glind (gemeente Barneveld) gaat al sinds de oprichting in 1913 veel mis. Tientallen oud-bewoners vertellen in 2022 aan Omroep Gelderland dat zij slachtoffer zijn van ernstige fysieke en geestelijke mishandeling en seksueel misbruik. Een aantal oud-bewoners hadden al contact opgenomen met de verantwoordelijke zorgorganisaties1, maar voelden zich in dat contact niet gezien, niet gehoord en niet geloofd. De staatssecretaris geeft vervolgens aan geschrokken te zijn van de onthullingen, en dat alle feiten boven tafel moeten komen: ieder kind moet veilig zijn in de jeugdzorg. Pluryn, de grootste zorgaanbieder in De Glind, laat een onderzoek starten. Het rapport met bevindingen is nu verschenen, met de veelzeggende titel: Explosieve Ervaringen: Onderzoek naar kindermishandeling, erkenning & eerherstel van oud-bewoners van “Jeugddorp De Glind”.
1 Slachtoffers meldden zich bij de Rudolphstichting – tot 1994 verantwoordelijk voor de zorg in Jeugddorp De Glind en vanaf dan gericht op vastgoed, voorzieningen en fondsenwerving* – en bij Pluryn – tegenwoordig grotendeels verantwoordelijk voor de zorg in Jeugddorp De Glind.
* Daarnaast is vanaf 2016 Stichting Jeugddorp De Glind opgericht en actief als zorgaanbieder in Jeugddorp De Glind. Stichting Jeugddorp De Glind is nauw verbonden aan de Rudolphstichting. Zo is de directeur van Stichting Jeugddorp De Glind vanaf 1 januari 2022 ook de directeur van de Rudolphstichting.
De onderzoekers schrijven in het rapport dat het te prijzen is dat Pluryn uit wilde gaan van het verhaal van de slachtoffers, en dat ze kozen voor een onderzoeksduo bestaande uit een onderzoeker die ook deskundige ervaringsperspectief is (Marlene van Steensel van Be4You2 die zelf ook in het jeugddorp heeft gewoond), en een wetenschappelijk onderzoeker (hoogleraar orthopedagogiek Annemiek Harder van de Erasmus Universiteit). Mede via een klankbordgroep bestaande uit oud-bewoners, konden slachtoffers zo ook zelf sturing geven aan de onderzoeksopzet en -aanpak. In de praktijk blijkt de intentie van Pluryn anders uit te pakken. “Zo wil de organisatie bijvoorbeeld vasthouden aan hun eigen interpretatie van privacywetgeving (AVG), waardoor feiten over het verleden uit het zicht raken,” vertelt Van Steensel. En als oud-bewoners al hun eigen zorgdossier weten te bemachtigen, blijkt zelfs dat in bijgevoegde krantenknipsels de naam van de krant zwartgelakt is. Over dat laatste schrijven de onderzoekers: ”Dit illustreert dat slachtoffers niet eens openbare bronnen konden raadplegen om inzicht te krijgen in wat over hun eigen casus is vastgelegd. Pluryn De Glind wekt hiermee de indruk misstanden zowel in het verleden als in het heden (letterlijk) onzichtbaar te willen maken.”
Maar de klankbordgroepleden Ada Ritzer en Robert Paunovic zijn niet helemaal ontevreden over het onderzoeksrapport. Ritzer: “Gezien de enorme tegenwerking van de opdrachtgever, hebben we er het maximale uitgesleept.” Ze geven aan dat het er bijvoorbeeld aan heeft bijgedragen dat nu zwart op wit staat, wat er zoal aan misstanden plaatsvond en nog steeds plaatsvindt in het dorp – en hoe bewoners dat ervaren, wat voor impact dat (nog steeds) heeft op hun leven. Maar er is ook vastgelegd wat maakt dat dat überhaupt kan gebeuren, en wat er gedaan kan worden om het te stoppen en te voorkomen. En om te zorgen voor (eer)herstel van de slachtoffers, die nog steeds met de veroorzaakte schade te kampen hebben. Ook het onderzoeksproces en de dynamieken tussen slachtoffers en de zorgaanbieder zijn gedocumenteerd. “Er liggen aanbevelingen, niemand kan er meer omheen,” vertelt Robert Paunovic. “En ik denk dat het voor slachtoffers ook belangrijk is om gehoord en gezien te worden, alleen al in hun ervaring,” vult Ada Ritzer aan.
De oud-bewoonster was zich er tot 2022 niet van bewust dat er zoveel medebewoners met haar niet veilig waren in het jeugddorp. “Ik dacht echt dat het alleen aan mij lag. Dus voor mij was het een openbaring om de uitzendingen van Omroep Gelderland hierover te zien. Toen viel voor mij pas voor het eerst het kwartje: het lag dus niet aan mij. Het was een bevestiging dat ik het niet bedacht had en het realiteit was. Tot die tijd zei ik dingen en dan werd het afgewimpeld of niet naar geluisterd. Op een gegeven moment denk je: ik heb het verzonnen, en probeer je dat weg te stoppen. En dat is iets dat we bij de anderen heel veel teruggehoord hebben. Heel verdrietig dat je hoort dat zoveel kinderen voor en na jou die ellende hebben meegemaakt. En nog steeds.”
Lees verder onder de foto
Ada Ritzer en Robert Paunovic. Foto: AIM Fotografie (Ada Ritzer)
Sinds het onderzoek 3,5 jaar geleden van start ging en er veel op tafel gekomen is over wat er anders kan en moet, constateren de oud-bewoners en onderzoekers dat de houding van de zorgorganisatie die maakte dat de misstanden konden ontstaan en voortduren, niet echt veranderd is. Ondanks de intensieve samenwerking blijven ontkenning, afscherming en terughoudendheid leidend (ook archieven met informatie over wat de organisatie wist en (niet) gedaan heeft, werden bijvoorbeeld maar deels onderzocht en niet publiek gemaakt, terwijl er signalen van misstanden in ontdekt zijn). Daarnaast blijft de actie achterwege, die nodig is om ervoor te zorgen dat kinderen van nu en in de toekomst nooit meer met geweld te maken kunnen krijgen. Zonder openheid, gelijkwaardige samenwerking, zelfreflectie en excuses, kan er niet geleerd en duurzaam verbeterd worden, aldus het rapport. En blijven organisatiebelangen belangrijker dan de kinderen en oud-bewoners.
Pluryn heeft eind mei een ‘vijfpuntenplan’ aangekondigd, met concrete vervolgstappen. De oud-bewoners hopen op het beste, maar door alle teleurstellingen geven ze aan: “eerst zien, dan geloven.”
Rondetafelgesprek met de klankbordgroepleden, onderzoekers en andere gasten bij Omroep Gelderland, over het onderzoek.
Ook de reactie van de minister op het verschijnen van het onderzoek is onderwerp van gesprek. Tweede Kamerlid Marijke Synhaeve, ook tafelgast: “Hebben we er nou alles aan gedaan om te zorgen dat er geen nieuwe slachtoffers zijn? Het antwoord is nee.” “We moeten stoppen met te zeggen dat het een incident is als het niet goed gaat, want het is geen incident. Er zijn zoveel kinderen ook nu nog die op een plek zijn waar ze veilig zouden moeten zijn maar dat nu niet zijn.”
Reactie Pluryn
Eddy van Doorn (voorzitter van de raad van bestuur van Pluryn) in reactie op ons artikel: “Het onderzoek van de Erasmus Universiteit Rotterdam schetst een indringend beeld van de ervaringen van oud‑bewoners. De bevindingen sluiten aan bij eerdere landelijke onderzoeken en laten zien hoe diep de impact van de misstanden is en hoe lang die doorwerkt in hun leven. Dat vraagt om erkenning, openheid en blijvende aandacht. Het feit dat vergelijkbare conclusies eerder naar voren kwamen in landelijke onderzoeken zoals Samson en De Winter, maakt nog eens duidelijk hoe belangrijk het is om hiervan te blijven leren. Het geweld kon destijds voortbestaan door een gesloten cultuur en onvoldoende toezicht; dat besef is confronterend en onderstreept de verantwoordelijkheid die wij dragen.
Tegelijkertijd nemen wij kennis van de bevindingen van het Verwey-Jonker Instituut over de huidige praktijk in De Glind. Het is betekenisvol dat jongeren en betrokkenen het leefklimaat vandaag de dag overwegend als positief ervaren. De open sfeer, de mogelijkheid tot langdurig verblijf en de betrokkenheid van gezinshuisouders worden gewaardeerd. Ook zien wij bevestiging van de inzet op een open cultuur, duidelijke meldprotocollen en versterkt toezicht.
Het onderzoek van Verwey-Jonker laat namelijk ook zien dat veiligheid nooit vanzelfsprekend is. Psychisch geweld tussen jongeren en online pesten komen nog steeds voor. Dit vraagt om blijvende aandacht binnen de pedagogische visie, het bespreekbaar maken van online risico’s en voldoende ondersteuning en toerusting van teams. Alleen zo kan een veilige omgeving voor jongeren duurzaam worden gewaarborgd.
Wij zijn de onderzoekers en alle betrokkenen zeer dankbaar. Het delen van persoonlijke ervaringen vraagt moed en vertrouwen. De aanbevelingen bieden waardevolle handvatten om herstel te ondersteunen en herhaling te voorkomen. We realiseren ons dat dit proces niet eenvoudig was en dat niet alle perspectieven volledig samenvielen, maar zien deze rapporten als een belangrijke stap in samen leren en verbeteren.
Pluryn blijft in gesprek met (oud-)bewoners, medewerkers en partners. Voor ons vormen deze rapporten geen eindpunt, maar een beginpunt. Wij blijven ons inzetten voor een omgeving waarin oud‑bewoners zich erkend voelen, jongeren zich gehoord en beschermd weten en professionals goed toegerust zijn om hun werk te doen. Samen leren en verbeteren verdient blijvend een prominente plek — binnen onze organisatie én in het maatschappelijke gesprek over jeugdzorg.”
Aanvulling redactie
Hoewel uit de reactie van Pluryn een positief beeld naar voren komt over (het onderzoek naar) de huidige situatie in het jeugddorp, hebben oud-bewoners en onderzoekers daar het nodige over te zeggen waardoor nog een heel ander beeld naar voren komt. In een volgend artikel gaan we daar verder op in.
Een van de aanleidingen hiervoor is dat in het onderzoek Explosieve ervaringen te lezen is, dat het onderzoek naar de huidige situatie eerst ook door de onderzoekers van Explosieve Ervaringen verricht zou worden, maar uiteindelijk door Verwey-Jonker Instituut uitgevoerd is. Zo lezen we in het rapport; “deze beslissing is door Pluryn genomen zonder overleg met ons als onderzoekers, zonder rekening te houden met de resultaten van dit Explosieve Ervaringen onderzoek en zonder betrokkenheid van oud-bewoners. Hierdoor verschoof het onderzoek van samenwerken mét betrokkenen naar onderzoek óver hen. Ook is hiermee de wens van oud-bewoners om patronen uit het verleden te vergelijken met de huidige (werk)cultuur, waarmee verbeterpunten en punten waarop al wel verbetering is aangebracht zichtbaar gemaakt zouden kunnen worden, onbelicht gebleven.”
LOC gaat extra benadrukken dat mensen centraal moeten staan in de zorg en ondersteuning, in heel de samenleving. En niet de systemen, regels, protocollen, geld, gewoonten, of andere belangen.
Meer over de overgang