Opbaren in het verpleeg­huis: wie betaalt wat?

Geplaatst op 29 april 2019

Er zijn vragen over wie wat betaalt na het overlijden van bewoners van verpleeghuizen. Dit bericht geeft een overzicht van de regelingen en wie wat betaalt. Ook gaat het bericht in op de rol van de cliëntenraad.

Dagen na overlijden

Verpleeghuizen krijgen na het overlijden maximaal 13 dagen een vergoeding voor de kosten van de kamer. Landelijke cliëntenorganisaties (LOC, Consumentenbond, Patiëntenfederatie Nederland) en brancheorganisaties van zorgaanbieders (ActiZ, Zorgthuisnl) hebben afgesproken dat nabestaanden daarvan 7 dagen kunnen gebruiken om de overledene eventueel op te baren en de kamer leeg te ruimen. Zorgaanbieders hebben vervolgens 6 dagen de tijd om de kamer gereed te maken voor een volgende bewoner. Dit staat in de Algemene Voorwaarden VVT (bijzondere module Zorg met verblijf).

Zorgorganisaties kunnen deze dagen declareren vanaf het moment dat de bewoner is overleden. En zijn dus ook van toepassing op de dagen dat de cliënt is opgebaard. Dat zijn de zogenaamde mutatiedagen.

Voor rekening verpleeghuis

Omdat de beschikbaarheid van de kamer bekostigd wordt via de mutatiedagen, zijn daaraan voor de nabestaanden geen kosten verbonden. Zolang het opbaren en leegruimen van de kamer binnen 7 dagen na het overlijden past. Hebben de nabestaanden hiervoor meer tijd nodig? Dan mag de zorgorganisatie de extra dagen bij hen in rekening brengen.

Daarnaast zijn het schouwen, gereedmaken voor transport en het tijdelijk koelen na het overlijden van een bewoner voor rekening van de zorgorganisatie. Dat staat in het Wlz-Kompas van Zorginstituut Nederland.

Voor rekening nabestaanden


Nabestaanden zijn verantwoordelijk voor de kosten van het afleggen en opbaren. Dit valt namelijk niet onder de verzekerde zorg van de Wet langdurige zorg (Wlz). Als er een overlijdensverzekering is, worden deze kosten vergoed door de verzekeraar.

Als de zorgorganisatie kosten maakt voor het afleggen en opbaren komen deze voor rekening van de nabestaanden. Het komt bijvoorbeeld voor dat zorgmedewerkers assisteren bij het afleggen of dat voor het opbaren een koelinstallatie van de zorgaanbieder wordt gebruikt. Dit kan kan de zorgorganisatie in rekening brengen aan nabestaanden of de uitvaartverzekeraar.

Rol cliëntenraad

In de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (Wmcz) staat dat de cliëntenraad een verzwaard adviesrecht heeft over ‘voor cliënten geldende regelingen’. Daar vallen ook de kosten van afleggen en opbaren onder. De bestuurder en de cliëntenraad maken afspraken welke diensten tegen welke prijs bij de nabestaanden in rekening worden gebracht. Ook is het belangrijk dat deze afspraken bij alle bewoners en hun naasten bekend zijn.

Vervolg

Hoewel de toepassing van de regels in de praktijk complex is, is het belangrijk dat zorgorganisaties in overleg met cliëntenraden en nabestaanden goede afspraken maken. LOC en ActiZ zullen kijken of de regelgeving duidelijker kan.

Dit bericht is afgestemd tussen ActiZ en LOC.

Download artikel als PDF

Lees meer artikelen over:

Praat mee! (1)

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

marianne 2 jaar geleden

Tijdens de Coronatijd mocht er geen opbaring plaats vinden in verpleegtehuizen. Er mocht geen gebruik gemaakt worden van de  koelruimte. Ook moest het afleggen en verzorgen van de overledene plaatsvinden in een rouwcentrum. Daardoor lopen de kosten van nabestaanden op. Alle diensten zouden verplicht geleverd moeten worden door het verpleeghuis. 
In de tijd van nu gaat dit begrijpelijk anders. Wie betaalt echter nu de kosten in deze tijd.

Reageer op dit bericht

Deelnemers platform

Meer bekijken

Nieuwsbrief

  • * Heb je onze nieuwsbrief eerder ontvangen en je afgemeld? Meld je dan aan via webmaster@loc.nl
  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.