‘Er­varing opdoen in het verpleeg­huis: Niet Invullen Voor Een Ander’

Door de corona-perikelen heb ik minder werk. Met mijn BIG-registratie achter de hand besluit ik om de tijd tot aan mijn vakantie weer als verpleegkundige aan de slag te gaan.  Het lijkt me een win-win situatie. Mijn aanname is dat ik dat het beste in een verpleeghuis kan doen. Dit omdat ik daar weinig ervaring heb en ik het heel waardevol vind, mede als LOC adviseur, meer te leren van deze bijzondere vorm van zorg. Iedereen heeft een eigen appartement en de zorg komt bij hen thuis. (‘verpleeghuiszorg thuis’.) Dus ik trek mijn witte jasje en de gympen weer aan, en met een ‘looproute’ en zorgplannen in mijn telefoon, ga ik aan de slag

Nivea

Het is mijn eerste vakantiewerkdag, mijn eerste client die morgen. “NIVEA”; dat is wat deze mevrouw het liefste op haar benen heeft. Met aandacht smeer ik haar benen in. Fijn! Maar ik moet de fles wel op z’n kop zetten en ook op het plankje. Ook moet ik de deur openlaten, nee de douchedeur, niet de buitendeur. Mevrouw merkt op dat ik “nu nog niet weet dat het gele kopje voor het lekken van het koffieapparaat is en ze haar koffie altijd drinkt uit de bloemetjes beker die op het aanrecht staat”. Ik haal even diep adem.

Verdwenen

De tweede mevrouw die zorg nodig heeft, heeft het zwaar in deze coronatijd. Ze is verdrietig, voelt zich eenzaam en zegt dat haar onderbroeken worden gestolen. “Echt waar, ze stelen hier mijn onderbroeken, ik had er wel 20!” Gestolen, dat lijkt me toch niet. Wie zou dat nou doen? Ik maak een grapje, help haar en ik vind gelukkig nog wat ondergoed. Toch laat ik mw. verdrietig achter. Ik vind dat vervelend. Maar ik moet verder; ontbijtjes klaarmaken, helpen met douchen, kousen aan trekken, sondevoeding geven etc….

Nieuw

Dan moet ik naar een meneer die de vorige dag vanuit een andere locatie is gekomen. Twee weken geleden is een collega bij hem langs geweest om kennis te maken en te vertellen over de nieuwe kamer. Op deze locatie heeft hij zijn eigen kamer en is hij geen onderdeel meer van een woongroep. Het idee is dat het fijn voor hem is wanneer hij weer meer ’eigen regie’ heeft. Een aantal zorgverleners kennen meneer. Ik krijg de tip dat hij kort gehouden moet worden, want; “ze willen niet hetzelfde als op de vorige locatie”.  Ik weet niet precies waar het over gaat, maar met deze informatie ga ik zijn kamer in om te helpen met uit bed komen, douchen en eten klaar te zetten. Ik hoop maar dat ik er samen met de cliënt uitkom.

Er staan nog weinig spullen in zijn kamer, zijn keuken en de koelkast zo goed als leeg. Meneer vertrouwt het niet.  Hij vindt het maar niets hier. Er is geen goed gevulde koelkast zoals hij op de vorige locatie gewend was, en ja hij “hoorde daar ook niet thuis”, maar nu voelt hij zich erg aan zijn lot overgelaten. Er is niemand die voor hem zorgt. Als ik meld dat het mijn eerste dag is, verzucht hij: “nou daar ben ik dan mooi klaar mee. “

De route

Hoewel ik merk dat ik nog best uit de voeten kan met mijn jaren ervaring, is het fijn dat ik steeds op collega’s kan terugvallen. Ik blijk meer zorg te verlenen dan de bedoeling is, want op enig moment hoor ik een collega zeggen “als we alles moeten doen wat mensen willen…..” Ik herinner me weer het eeuwige dilemma in de zorg: deze cliënt versus alle cliënten de juiste zorg geven.

Na 6 weken

De weken vliegen om, ik heb er eigenlijk meer plezier in gehad, dan ik van tevoren had bedacht. Ik heb weer een goede loopconditie, heb weer goed leren tillen en veel boeiende mensen ontmoet. Maar ik heb ook geworsteld ‘de theorie versus de werkelijkheid van alle dag’.  bijvoorbeeld de opmerking: “als we alles doen, dan …..”. Maar gaat het over alles doen? Of gaat het over afspreken met elkaar wat nu wel kan en wat niet of later kan? Ik zou de werkdruk de schuld kunnen geven of de korte periode dat ik er was. Maar ondanks al mijn ervaring ‘menselijke communicatie’, merkte ik weer hoe snel ik iets aannam, zonder even na te vragen: hoe dan???

Uiteindelijk krijg ik contact met de nieuwe bewoner. Er was met meneer gesproken, maar hij had zich er geen voorstelling van kunnen maken. Een collega ging – in haar eigen tijd- op zoek naar borden en bestek.  Ik heb volgehouden om hem als mens te zien, naar hem te luisteren en ook collega’s zagen zijn eenzaamheid door het mopperen heen.  Over het eten was hij nog niet tevreden, maar dat is weer van een heel ander probleem. 

En de gestolen onderbroeken. Ik geloofde het niet en nam aan dat mw. door de eenzaamheid in de war was, Gelukkig, maar weken later, op mijn laatste werkdag, is een collega op zoek gegaan en dan blijkt dat het ondergoed van mw. niet terugkomt uit de was. Hadden we haar maar eerder serieus genomen.

Ik denk terug aan de mevrouw die het fijn vindt dat alles op haar eigen manier verloopt. Zij had mij een hele goede hint gegeven, op mijn 1ste werkdag. Hoe kon ik vergeten dat NIVEA betekent: Niet Invullen Voor Een Ander!

Een compliment

Als we na 6 weken afscheid nemen, vraagt een van de bewoners “kan je niet hier kan komen werken, al is het maar 1 dag in de week . Jij weet wat ‘belevingsgerichte zorg inhoud’.  Hoewel gestreeld voel ik me verward.  Want wat zegt deze bewoner eigenlijk?

Op mijn laatste werkdag missen we een collega.  En ja we hebben het gered. High Five!  Maar of we daar trots op kunnen zijn, dat zou je moeten navragen bij de cliënten……

De cliëntenraad

Wat kun je als cliëntenraad met dit verhaal? Ik hoop dat het stimuleert om met een zekere regelmaat de vinger aan de pols te houden of er oog is voor wat van waarde is voor cliënten. Dit kan door een keer met de zorgverleners van het team in gesprek te gaan en tijdens gesprekken met de instelling.  Welke ruimte biedt de zorgorganisatie zorgverleners om belevingsgerichte zorg in te zetten? Komt de waarde van mensen terug in de visie van de organisatie? En zo ja, hoe voert de organisatie dat in de praktijk dan uit, hoe geven ze daar, samen met de cliëntenraad, handen en voeten aan? 

De cliëntenraad wordt instemming gevraagd op beleid rondom veiligheid, kwaliteit en hygiëne. Dat zijn brede kapstokken waar je veel thema’s uit de praktijk aan kan ophangen. Denk aan veiligheid van het sleutelkastje aan de voordeur, kwaliteit van zorg en zorgplannen door aan te sluiten bij het levensverhaal van mensen.  

In de beweging radicale vernieuwing verpleeghuizen zijn ervaringen die hierbij aansluiten.  

Laten we elkaar hier op deze plek vertellen over goede voorbeelden en ervaringen delen.

PRAAT MEE!

Download artikel als PDF

Praat mee! (2)

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Douwe Dronkert 1 maanden geleden

Hoi Klazien,

Wat mooi dat je je ervaringen ook hier weer deelt over je ontdekkingen. En dat je je rol vanuit het cliëntenperspectief en die als zorgverlener zo bij elkaar brengt. Ik vind het bijzonder om met je leerproces mee te kunnen ‘kijken’. Dankjewel voor je openheid!

Hartelijke groet

Reageer op dit bericht
1 maanden geleden

Dank je wel voor je reactie, fijn dat mijn ervaring ‘overkomt’. 

Reageer op dit bericht

Bijdragen?

Op de Praat mee-pagina’s worden allerlei berichten geplaatst met vragen, antwoorden, tips, oproepen, blogs en vlogs van mensen die betrokken zijn bij LOC. Van mensen uit de kern van het netwerk tot mensen die LOC en haar visie een warm hart toedragen. Iedereen kan bijdragen. Daarom komt niet alles wat er geplaatst wordt, per se overeen met wat LOC vanuit haar visie vindt.

Praat ook mee >

Vragen? Mail webmaster@loc.nl of bel 030 284 3200.

Deelnemers

Alle deelnemers

Nieuwsbrief

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.