Reactie LOC op internetconsultatie Reikwijdte Jeugdwet
LOC heeft een reactie gestuurd op de internetconsultatie van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport met betrekking tot de Reikwijdte Jeugdwet. Een toelichting op de consultatie en de reactie van LOC lees je hieronder.
Toelichting van het ministerie
‘Steeds meer jongeren krijgen jeugdhulp. Dat willen we veranderen omdat we zien dat soms jongeren jeugdhulp krijgen terwijl dat niet de oplossing is voor hun hulpvraag. En omdat er niet genoeg mensen en geld zijn om die hulp te geven. Hierdoor krijgen de jongeren en ouders die hulp het hardst nodig hebben niet altijd op tijd de juiste hulp. In het wetsvoorstel staan regels die gemeenten helpen om beter te bepalen wie jeugdhulp krijgt en wanneer. Hiermee willen we bereiken dat jeugdhulp alleen wordt ingezet als dit echt nodig is en dat de hulp past bij de problemen van de jongere. Hulp wordt zo licht mogelijk en zoveel mogelijk in groepsverband ingezet. Ook is het belangrijk dat jeugdhulp wordt afgebouwd of gestopt als dat kan. Naast dit wetsvoorstel zijn er nog veel meer verbeteringen die worden gedaan om het gebruik van jeugdhulp te verminderen.’
Lees meer op: Overheid.nl | Consultatie Reikwijdte Jeugdwet
Reactie LOC
Vraag 1: Welke suggesties heeft u bij het wetsvoorstel?
‘LOC Waardevolle zorg is van mening dat het wetsvoorstel zich niet alleen moet richten op het beperken van jeugdhulp tot wat echt nodig is, maar expliciet moet inzetten op het voorkomen van problemen door het versterken van de veerkracht en zelfregie van jongeren en gezinnen.
Voordat men echter aan jeugdzorg denkt, is het van belang eerst de problemen binnen het sociale domein aan te pakken. Denk hierbij aan financiële problemen, huisvestingsproblemen en andere maatschappelijke factoren die de leefomgeving van jongeren en gezinnen beïnvloeden. Door deze problemen eerst op te lossen, kunnen we voorkomen dat ze leiden tot complexere en intensievere vormen van hulpverlening. Het is daarbij ook belangrijk om te benadrukken dat complexe scheidingen niet tot het jeugdzorgdomein behoren, maar eerder binnen het domein van familiaire en civiele procedures vallen.
Het is daarom cruciaal dat gemeenten meer investeren in preventie, wijkgerichte aanpak en het betrekken van jongeren en ouders bij het ontwerpen van hulp. Daarnaast zou het wetsvoorstel kunnen stimuleren dat hulp niet alleen reactief is, maar ook proactief gericht op het aanpakken van de onderliggende oorzaken van problemen. Zo kunnen we voorkomen dat problemen escaleren, dat jongeren langdurige hulp nodig hebben, en dat er onnodige belasting op het jeugdzorgsysteem ontstaat.’
Vraag 2: Toerusting en uitvoerbaarheid lokale teams
Het wetsvoorstel kent lokale teams een centrale rol toe bij de toegang tot en toeleiding naar jeugdhulp. In hoeverre zijn gemeenten en lokale teams naar uw oordeel momenteel voldoende toegerust om deze rol te vervullen, welke knelpunten signaleert u en welke randvoorwaarden zijn noodzakelijk om deze taken zorgvuldig, uitvoerbaar en verantwoord te kunnen uitvoeren?
‘Het is van groot belang dat adequate hulpverlening begint bij de daadwerkelijke hulpvraag van ouders en kinderen en niet bij de professionele aannames of verwachtingen.
Door te luisteren naar de wensen en behoeften van jongeren en hun ouders, kunnen hulp en ondersteuning beter afgestemd worden op wat er werkelijk speelt. Momenteel zijn veel lokale teams hier niet op ingericht. Te veel moet nog worden opgelost binnen de zogenaamde ‘silo’s’.
Daarnaast is het zorgwekkend dat professionals vaak onvoldoende toegerust zijn om op een gelijkwaardige en effectieve wijze daadwerkelijk in verbinding te staan met ouders en kinderen. Wanneer hulpverlening start bij wat ouders en kinderen echt nodig hebben, en professionals geen belemmeringen hebben van de schotten binnen het sociaal domein, zal dit de kwaliteit van de ondersteuning en de betrokkenheid aanzienlijk verbeteren.’
Vraag 3: Rechtszekerheid binnen gemeentelijke beleidsruimte
Gemeenten hebben en houden beleids- en uitvoeringsruimte bij de inrichting van jeugdhulp. Op welke manier kan rechtszekerheid worden bevorderd, mede in het licht van ongewenste verschillen die tussen gemeenten kunnen ontstaan?
Rechtszekerheid binnen de gemeentelijke beleidsruimte voor jeugdhulp is essentieel om ervoor te zorgen dat alle kinderen en jongeren gelijke rechten en bescherming genieten, zoals vastgelegd in het Kinderrechtenverdrag. Om rechtszekerheid te bevorderen, vooral gezien de diversiteit van de lokale samenleving en de variatie tussen gemeenten, kunnen de volgende maatregelen worden genomen:
- Heldere wet- en regelgeving op nationaal niveau:
Het vastleggen van duidelijke kaders en richtlijnen voor jeugdhulp zorgt dat gemeenten binnen een uniforme basis opereren. Dit voorkomt onduidelijkheid over de rechten van kinderen en de verantwoordelijkheden van gemeenten, waardoor de rechten van alle kinderen worden gewaarborgd, ongeacht waar zij wonen. - Aanpassing aan lokale contexten met respect voor kinderrechten:
Gemeenten kunnen beleidsruimte gebruiken om jeugdhulp aan te passen aan de specifieke culturele, sociale en economische omstandigheden van hun gemeenschap. Hierbij blijft de basis van kinderrechten leidend, zoals het recht op participatie, bescherming en ontwikkeling. Dit zorgt dat hulpverlening relevant en toegankelijk blijft voor alle kinderen, terwijl hun recht op gelijke behandeling wordt gerespecteerd. - Transparantie en participatie:
Door kinderen en jongeren actief te betrekken bij het ontwikkelen en evalueren van jeugdhulpbeleid, wordt hun stem gehoord en gerespecteerd, zoals vereist in het Kinderrechtenverdrag (art. 12). Dit bevordert niet alleen de kwaliteit van de hulp, maar ook de rechtszekerheid doordat het beleid beter aansluit bij de behoeften en wensen van de doelgroep.
Door deze maatregelen toe te passen, wordt niet alleen de rechtszekerheid versterkt, maar wordt ook rekening gehouden met de verscheidenheid van lokale samenlevingen. Zo kunnen gemeenten een evenwichtig beleid voeren dat de rechten van alle kinderen respecteert en beschermt, ongeacht hun achtergrond of woonplaats.
Vraag 4: Groepsgerichte jeugdhulp en passende, tijdige inzet:
Het wetsvoorstel stimuleert waar mogelijk de inzet van groepsgerichte vormen van jeugdhulp en beperkt de inzet van individuele trajecten. Welke aandachtspunten zijn er bij het realiseren van jeugdhulp op groepsbasis, om te voorkomen dat niet-passend aanbod wordt ingezet? Wat verwacht u dat de effecten van deze maatregel zullen zijn op passende en tijdige inzet van jeugdhulp, zowel binnen het groepsaanbod als bij aanvullende individuele ondersteuning?
Bij het realiseren van groepsgerichte jeugdhulp is het cruciaal dat het aanbod aansluit bij de specifieke behoeften van jongeren en dat het niet automatisch wordt ingezet zonder goede afstemming. Een aandachtspunt is dat groepsvormen niet eenzijdig worden gepromoot, maar dat de keuze voor groeps- of individuele hulp gebaseerd is op de hulpvraag en de situatie van de jongere. Het is belangrijk dat professionals voldoende getraind zijn om de juiste afwegingen te maken en dat jongeren en ouders actief worden betrokken bij het bepalen van de vorm van hulp. De effecten van deze maatregel zouden kunnen leiden tot meer passende en efficiënte hulp, waarbij jongeren sneller de juiste ondersteuning krijgen en preventief wordt ingegrepen. Het is ook essentieel dat er voldoende flexibiliteit blijft om aanvullende individuele ondersteuning te bieden wanneer dat nodig is, zodat de hulp altijd
passend is en tijdig wordt ingezet.







